Acryl op doek, in grote streken opgezet, geen schetsen of planningen vooraf, de nadruk ligt in de vrije en krachtige beweging. Het gaat niet om het idee achter het werk, maar hoe het tot stand komt. In meestal sobere kleuren ontstaat een schilderij en dan komt het zwart, uitdagend, opwindend en overheersend over het doek.

Op de Academie van Beeldende Kunsten in Rotterdam (nu de Willem de Kooning Academie) leert Klaas Gubbels mij 'kijken', hij inspireert en stimuleert, toen en nu nog. Tijdens mijn studie raak ik steeds meer in de ban van schaduwen en abstractie. Het 'zwart' overkomt mij, oneindig, diep, immens spannend en vernieuwend. Het onbegrensde wat Antoni Tàpies schildert raakt me, maar dan leer ik het werk van de Franse schilder Pierre Soulages kennen. Zijn imposante, monumentale kunst overtreft alles, het is herkenning en bevestiging. Zijn 'outrenoir' en Soulages zelf, die ik in 2007 voor het eerst bij hem thuis in Zuid-Frankrijk ontmoet, inspireren. Over mijn ontmoetingen met Pierre Soulages of klik op EN…!


Schilderen is voor mij basis en daarnaast werk ik ook met fotografie, een voor mij tegenovergestelde benadering. Fotografie kent niet de frustratie van het lege, witte doek en hoe dan toch verder…, want het onderwerp is er al. De camera en computer zijn hulpmiddelen om mijn zin voor schaduwen, abstractie en zwart op een andere wijze te vertalen. Het gaat mij geenszins om perfecte en vakkundige fotografie, maar om de gewaarwording van beelden die verandering brengen.

Martine de Heij, Maassluis
Academie van Beeldende Kunsten te Rotterdam, 1975-1980.

Martine de Heij

Martine schraapt met forse gebaren langs onze ziel en laat de donkere sporen daarvan achter op papier en doek. Uit de volharding waarmee ze zich beperkt in gebaar en middelen kun je afleiden, dat het haar niet gaat om verhalen of terzijdes, maar om de kern van onze zaak: de verbeelding van een diep menselijk gevoel, existentieel van nature, een gevoel, dat zowel de basis kan zijn voor een verterende liefde als voor een doodslag door passie. Het heeft ook iets van wanhoop, van een kamikaze, om telkens in dat gebaar, in dat ene ritme je mens-zijn te willen uitdrukken en zo, door het middel kunst, alle mensen te kunnen zijn. Het vraagt moed en volharding om zo diep te kunnen gaan.

Kees Verschuren
Uit openingsrede Galerie Hollandia 21 september 2012